SARO ontving op 10 augustus 2024 een adviesvraag van voormalig Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir over de startnota bij het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘Tiense watervelden’.
SARO formuleert volgende strategische bemerkingen bij de startnota voor het geplande gewestelijk RUP ‘Tiense watervelden’:
- De raad merkt op dat het project ‘Tiense watervelden’ een aanzienlijk voortraject heeft doorlopen, voorafgaand aan en tijdens de opstart van voorliggend geïntegreerd planningsproces. De raad stelt vast dat diverse beslissingen en opties uit dit voortraject hun doorwerking vinden in voorliggende startnota, maar beter onderbouwd en gemotiveerd kunnen worden. De raad acht het noodzakelijk om de startnota – met het oog op de juridische robuustheid van het geplande gewestelijk RUP - op dat vlak aan te vullen en te verduidelijken.
- De raad kan de vooropgestelde plandoelstelling en de gehanteerde uitgangspunten principieel ondersteunen.
- SARO formuleert evenwel een aantal bedenkingen bij de scope van het geplande gewestelijk RUP. Het is onduidelijk hoe het geplande gewestelijk RUP zich verhoudt tot het ruimer project van de Tiense Watervelden. De raad vraagt dat het verdere geïntegreerd planningsproces een ruimere scope aanhoudt dan het louter hergebruik van water in functie van drinkwaterproductie.
- De raad stelt vast dat de startnota geen locatie-, inrichtings- of programma-alternatieven formuleert. De raad benadrukt het belang van een gedegen alternatievenonderzoek. Dergelijk onderzoek als onderdeel van het geïntegreerd planningsproces vormt voor de raad een belangrijke aanvulling van voorliggende startnota.